Woorden

Woorden, we hebben er dagelijks mee te maken. We schrijven ze, we lezen ze. Er zijn er altijd genoeg. Ze gaan nooit op. Soms gebruik je net iets te veel woorden, waardoor het fout kan gaan. Of juist net iets te weinig woorden om het juiste te voelen. Situaties waarbij je denkt, ik maak er geen woorden aan vuil. Het is een uitgemaakte zaak. Toch zijn er dan weer die woorden die je nodig hebt om dat überhaupt te kunnen denken. Woorden, boeken vol met woorden. In welke taal dan ook, alles is in woorden uit te drukken. Woorden die je zegt, woorden die je denkt, maar het mooiste vind ik als schrijver, de woorden op papier:

Woorden waaien weg, mee met de wind. Al wat is gezegd. Al wat je ervan vindt. Hard geschreeuw of zacht gefluister. Klanken zweven en ik luister. De wind waait. Woorden galmen door de lucht. Woorden uitgeblazen met een zucht. Dwarrelend, je stem verlaten. Dovend in de lucht, na al het praten. Woorden zijn maar woorden. Ze komen, ze gaan. Woorden… alleen maar woorden, om te lezen en te verstaan.

Woorden klein